Herman Saftleven

RKD STUDIES

1.1 Van de Maasstad naar de Domstad


De jonge Herman zal zeker al gedurende zijn leertijd buiten ‘naar de natuur’ hebben getekend, aangezien dit een vast onderdeel was van de zeventiende-eeuwse opleiding. Zijn vroegst bekende werken zijn beïnvloed door Willem Buytewech I (1591/1592-1624), die na een verblijf van een aantal jaren in Haarlem vanaf 1617 weer in zijn geboortestad Rotterdam actief was.1 Diens invloed blijkt uit de vergelijking van een reeks van vijf etsen [1-5], die Saftleven in 1627 vervaardigde, met een reeks van tien etsen van Buytewech, die in 1621 onder de titel Verscheijden Lantschapjes werd uitgegeven door Claes Jansz. Visscher (1586/1587-1652).2 Daarvan worden hier twee voorbeelden getoond [6 en 7]. Ook in Saftlevens tekeningen van landschappen uit de late jaren 1620 [8 en 9] zien we Buytewechs invloed terug, bijvoorbeeld in de weergave van bomen met hun grillige stammen en kruinen.3 Sommige van die tekeningen gingen in het verleden zelfs door voor werken van Buytewech.

1
Herman Saftleven
Pratende mannen en vee op een veld voor een boerderij, 1627
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-OB-15.029

2
Herman Saftleven
Veld met op de achtergrond twee boerderijen en bomen, 1627
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-OB-15.030

3
Herman Saftleven
Pratende mannen op een veld met bomen, een boerderij in het verschiet, 1627
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-OB-15.031

4
Herman Saftleven
Een ruiter en een voetganger in een veld, 1627
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-OB-15.032

5
Herman Saftleven
Veld met figuren, bomen en kerktoren, 1627 gedateerd
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-OB-15.033


6
Willem Buytewech (I) uitgegeven door Claes Jansz. Visscher
Weg langs een bosrand, 1621
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-BI-5317

7
Willem Buytewech (I) uitgegeven door Claes Jansz. Visscher
Landschap met boerderij en zaaier, 1621
Amsterdam, Rijksmuseum, inv./cat.nr. RP-P-BI-5318


8
Herman Saftleven
Boerderijen bij een bosrand, kort voor 1630
Londen (Engeland), British Museum, inv./cat.nr. 1836,0811.566

9
Herman Saftleven
Bomengroep in landschap bij de duinen, late jaren 1620
Chapel Hill (North Carolina), Ackland Art Museum, inv./cat.nr. 2017.1.78


De vroegst bekende schilderijen van Saftleven dateren van 1630 en kort daarna en zullen nog in zijn geboortestad Rotterdam zijn ontstaan [10 en 11].4 Deze tonale werken sluiten aan op de Hollandse landschappen van Jan van Goyen (1596-1656), Esaias van de Velde (1587-1630), Pieter de Molijn (1595-1661) en Salomon van Ruysdael (1600/1603-1670). Voor een topografische duiding zijn Saftlevens vroege etsen, tekeningen en schilderijen niet specifiek genoeg.


10
Herman Saftleven
Rivierlandschap met boerderij en windmolen, 1630 gedateerd
Verenigde Staten van Amerika, particuliere collectie Martin and Kathleen Feldstein

11
Herman Saftleven
Duinlandschap met stormachtige lucht, tussen 1630 en 1633
Rotterdam, Museum Boijmans Van Beuningen, inv./cat.nr. 1769 (OK)


Omstreeks 1632 verhuisde Saftleven naar Utrecht, waar hij op 9 mei 1633 in de Domkerk trouwde met Anna van Vliet (ca. 1613-1684), dochter van meesterschilder Dirck van Vliet (gest. ca. 1618) en de uit Middelburg afkomstige Levina van Westhuysen (gest. 1641). In de Domstad, destijds een van de levendigste kunstcentra van de Republiek, leerde Saftleven razendsnel de juiste mensen kennen, die hem opstuwden op de maatschappelijke ladder.5 Dit had hij onder meer te danken aan het netwerk van zijn echtgenote en haar moeder.

Een sleutelfiguur in Saftlevens sociale en beroepsmatige netwerk was Anna’s voogd, de Utrechtse magistraat Godard van Reede (1588-1648), van wie Herman en Cornelis Saftleven verscheidene opdrachten ontvingen. Een 1634 gedateerd portret van Van Reede en zijn gezin in de collectie van Slot Zuylen is een gemeenschappelijk werk van de broers [12]. Godard liet zich hierop afbeelden met zijn overleden eerste echtgenote Emerentia Oem van Wijngaarden (1578-1632) en hun kinderen én met zijn tweede (aanstaande) vrouw Catharina van Utenhove (1598/1599-1656).6 Herman was verantwoordelijk voor het italianiserende landschap, terwijl Cornelis de portretten voor zijn rekening nam. Het bijwerk zullen zij onderling verdeeld hebben.

12
en Herman Saftleven Cornelis Saftleven
Familieportret van Godard van Reede van Nederhorst (1588-1648), Emerentia Oem van Wijngaarden (1578-1632), Catharina van Utenhove (1591-1656) en hun kinderen, 1634 gedateerd
Oud-Zuilen, Slot Zuylen, inv./cat.nr. S100; 113

Dat Herman Saftleven goede contacten onderhield met andere kunstenaars in Utrecht blijkt uit het feit dat hij in 1635 deel uitmaakte van een groep gerenommeerde kunstenaars die – in opdracht van stadhouder Frederik Hendrik (1584-1647) en zijn vrouw Amalia van Solms (1602-1675) – werkte aan een decoratieprogramma voor één van de vertrekken van Huis Honselaarsdijk bij Naaldwijk.7 Tot die groep behoorden – naast Saftleven – Abraham Bloemaert (1566-1651), Adam Willaerts (1577-1664), Cornelis van Poelenburch (1594/1595-1667), Hendrick Bloemaert (ca. 1601-1677), Gijsbert de Hondecoeter (1603/1604-1653) en Dirck van der Lisse (1607-1669).

Samen met Hendrick Bloemaert vervaardigde Herman voor Honselaarsdijk het schilderij Silvio en Dorinda [13], dat deel uitmaakt van een reeks van vier voorstellingen uit Giovanni Battista Guarini’s (1538-1612) Il Pastor Fido van 1581/1582. Saftleven schilderde het landschap en Bloemaert de figuren. Met de twee in 1634 en 1635 uitgevoerde opdrachten – het familieportret voor Van Reede [12] én het schilderij Silvio en Dorinda voor het stadhouderlijk echtpaar [13] – wist Saftleven zijn naam als ‘constrijck schilder’ te vestigen.8

13
en Hendrick Bloemaert Herman Saftleven
Silvio en de verwonde Dorinda (Guarini, Il Pastor Fido, IV, 8), 1635 gedateerd
Berlijn (stad, Duitsland), Gemäldegalerie (Staatliche Museen zu Berlin), inv./cat.nr. 958

In zijn eerste Utrechtse jaren schilderde Saftleven zowel italianiserende fantasielandschappen als boereninterieurs met stillevens van vaatwerk; twee zeer verschillende genres, waarin ‘topografie’ niet of nauwelijks een rol speelt. Wat de italianiserende landschappen betreft, zal Saftleven zich hebben laten inspireren door Italiëgangers als Cornelis van Poelenburch, die vanaf het midden van de jaren 1620 weer in zijn geboortestad Utrecht woonde, Chaerles de Hooch (ca. 1577-1638), die daar vanaf 1628 werkzaam was, en de in 1633 in Amsterdam neergestreken Bartholomeus Breenbergh (1598-1657).9 Zelf is Saftleven nooit in Italië geweest, wat hem dus niet belette om tussen 1633 en 1635 verscheidene landschappen in dit eigentijdse en populaire genre te schilderen [14 en 15].10


14
Herman Saftleven
Landschap met een ruïne, 1634 gedateerd
Wenen, Akademie der bildenden Künste Wien, inv./cat.nr. GG-1552

15
Herman Saftleven
Een weids landschap met reizigers, een rivier en een ruïne, 1634 gedateerd
Wenen, kunsthandel Galerie Sanct Lucas


Samen met Cornelis Saftleven, de in Middelburg en Dordrecht werkzame Franchoys Ryckhals (1609-1647) en de uit Antwerpen afkomstige David Teniers II (1610-1690) stond Herman Saftleven aan de wieg van het (sub)genre van het al genoemde boereninterieur met vaatwerk en groenten, dat veelal werd aangevuld met figuren [16 en 17].11 Van Herman zijn gedateerde boereninterieurs bekend uit de jaren 1634 tot en met 1637.12 Als een vervolg hierop schilderde hij in 1637 en 1638 taferelen van boerenerven met vaatwerk, gereedschappen, dieren en figuren [18].13 Ook deze boerenerven, die een overgang vormen naar zijn latere landschappen, liet hij daarna achter zich. Het is typerend voor het turbulente begin van zijn loopbaan, waarin verschillende stijlen en genres elkaar snel opvolgden, maar ook naast elkaar konden bestaan.14


16
Herman Saftleven
boereninterieur met rokende man en werkende vrouw, 1634 gedateerd
Sint-Petersburg, Hermitage, inv./cat.nr. 796

17
Herman Saftleven
Boereninterieur met knikkerende jongens, 1634 gedateerd
Brussel, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, inv./cat.nr. 2834


18
Herman Saftleven
Boerenerf met keukengerei en gereedschap, 1638 gedateerd
Berlijn (stad, Duitsland), Gemäldegalerie (Staatliche Museen zu Berlin), inv./cat.nr. 2240


Notes

1 Voor de beïnvloeding door Buytewech, zie: Schulz 1982, pp. 3, 54-55.

2 Voor de reeks van Saftleven, zie: Hollstein 1949-2010, dl. 23 (1980), pp. 131-132, nrs. 20-24; Schulz 1982, pp. 103-104, nrs. I-V, afb. 59-63; RKDimages, nr. 304942. Voor de reeks van Buytewech, zie: Hollstein 1949-2010, dl. 4 (1951), pp. 72-75, nrs. 1-10; RKDimages, nr. 310130. Volgens Boudewijn Bakker en Huigen Leeflang verschenen van deze serie drie edities. Zij gaan ervan uit dat de prenten, die vanaf de tweede editie door Visscher zijn genummerd, dateren van ca. 1616-1617. Zie hiervoor: Amsterdam 1993-1994, pp. 68-69. De tweede editie verscheen in 1621 en de derde in 1622.

3 Zie ook: RKDimages, nrs. 304864 en 107644. Vergelijk: RKDimages, nrs. 288789, 288795 en 288796.

4 Voor Saftlevens vroege landschappen, zie: Schulz 1982, pp. 15-16. Zie ook: RKDimages, nrs. 303131 en 114898.

5 Zie hiervoor: Schoemaker 2022A.

6 Catharina van Utenhove en Godard van Reede trouwden in 1635. Op basis van de voorstelling stelt Jan-Baptist Bedaux dat Catharina ‘kennelijk voortijdig in de rol van vrouw en stiefmoeder was getreden’. Zie hiervoor: Bedaux 1996-1997, p. 59.

7 Zie hiervoor: Utrecht/Frankfurt am Main/Luxemburg 1993-1994, pp. 115-119 (cat.nr. 12), 200-203 (cat.nr. 35), 245-247 (cat.nr. 48), 254-258 (cat.nr. 51); Den Haag 1997, pp. 216-225, cat.nr. 29; Schoemaker 2022A, pp. 93-95.

8 De term ‘constrijck schilder’ komen we tegen in een voogdijstelling van 1636. Zie hiervoor: Schoemaker 2022A, p. 101, n 70. Het Utrechts Archief, Notarissen in de stad Utrecht 1560-1905, toegangsnr. 34-4, inv. U016a004 (not. W. Brecht), fol. 39r-39v, 8 april 1636.

9 Saftleven zal Van Poelenburch zeker persoonlijk gekend hebben. Zo was hij op 27 januari 1634 getuige van Van Poelenburchs benoeming tot voogd over de kinderen van Adam Willaerts en diens vrouw. Zie hiervoor: Bok 1997-1998, pp. 388, 440, n 5; Schoemaker 2022A, pp. 93, 101, n 63. Het Utrechts Archief, Notarissen in de stad Utrecht 1560-1905, toegangsnr. 34-4, inv. U014a001 (not. J. van Steenre), fol. 496, 27 januari 1634. Over persoonlijke contacten van Saftleven met De Hooch of Breenberch is niets bekend.

10 Zie ook: RKDimages, nrs. 105692 (1633), 67156 (1633), 3435 (1634), 67139 (1634) en 308566 (ca. 1634).

11 Voor de ontwikkeling van dit genre, zie: Schulz 1978, pp. 17-25; James 1994-1995. In een 1630 gedateerde tekening van een boerenstal door Herman Saftleven in het Wallraf-Richartz-Museum in Keulen (RKDimages, nr. 305326) lijkt het genre zich al aan te dienen. Voor Ryckhals zie: Zierikzee 2019.

12 Zie ook: RKDimages, nrs. 303180 (1634), 209816 (1635) en 303092 (1636). Voor een 1637 gedateerd boereninterieur, zie: Schulz 1982, p. 121, nr. 7.

13 Zie ook: RKDimages, nrs. 236863 (1637).

14 Schoemaker 2022A, p. 88.